Naar: Algemene milieueisen doodskisten e.d.Naar: Milieu-eisen baarkleden/lijkhoezen

Algemene milieu-eisen aan crematoria

In het besluit van 3 mei 1991, houdende voorschriften ter uitvoering van de Wet op de LijkBezorging getiteld; Besluit op de lijkbezorging zijn een aantal eisen gesteld aan o.a doodskisten, -bekleding, rookuitstoot ed. Dit in verband met bodem- en luchtverontreiniging. De inspectie van het Staatstoezicht op de Volksgezondheid (bedoeld wordt: de Geneeskundige Inspectie van de Volksgezondheid en de Inspectie van de Volksgezondheid voor de Milieuhygiëne) is met de uitvoering van richtlijnen hieruit belast.

Rook en reuk
Uit de schoorsteen van een crematorium mag geen zichtbare rook komen en er mag geen waarneembare reuk zijn.

Echter in de richtlijn staat ook dat er in de praktijk natuurlijk regelmatig problemen zijn met deze eis. Problemen die het gevolg zijn van het meeverbranden van luchtverontreinigende stoffen (kist, kleding, prothesen e.d.) of.. van een niet optimaal verbrandingsproces. Specifiek wordt hierbij met name genoemd de kunststoffen met chloorverbindingen (nylon, PVC e.d.), die bij verbranding giftige stoffen opleveren zoals dioxinen en voor de verbrandingsruimte en rookkanaal het agressieve zoutzuur.

Om voornoemde problemen te voorkomen zijn ook milieueisen gesteld aan doodskisten en aan de -bekleding en/of lijkwaden/-hoezen.

Tevens heeft natuurlijk de kleding van de overledene, zij het in mindere mate, een eventuele negatieve invloed. Hoewel daar niets dwingend is over voorgeschreven, is het gebruik van kleding welke is gemaakt van natuurlijke vezels sterk aan te bevelen.

Toelichting
De luchtverontreiniging bij een crematorium is -naast het natuurlijk zelf verzorgen van een optimaal verbrandingsproces- veelal een gevolg van het zich niet houden aan de voorschriften door uitvaartverzorgers en in mindere mate nabestaanden. Bijvoorbeeld door het bekleden van de kist met plastic/teerpapier of id. om het 'beruchte lekken' te voorkomen i.p.v. hiervoor papieren celstofpakken te gebruiken. Of het aankleden van de overledene in een plastic zeilpak met bijbehorende 'rubberen' laarzen omdat hij zo graag zeilde bij leven i.p.v. een katoenen of wollen schipperstrui en broek of id.. Dit soort 'foute' handelingen zijn niet alleen mileutechnisch onverantwoord, het schaadt tevens het milieu c.q. woongenot van omwonenden in de buurt van het crematorium. Ook kan het het rouwproces van nabestaanden c.q. bezoekers schaden die net uit het crematorium komen of er net naartoe gaan, en onnodig geconfronteerd worden met een dan voor het creamtorium onvermijdbare gitzwarte rook uit de schoorsteen van de crematieoven.